Homepage  Schrijversweb  Schrijversweb 2008  Sandra IsraŽl

Battaglia - Sandra IsraŽl

Al weken wil hij het vertellen, maar het goede moment heeft zich nog niet voorgedaan. Misschien vanavond, na de repetitie?
Hendrik kijkt naar de ruggen van zijn vader en broers. Ze buigen zich over het stuur van hun fiets en trappen de pedalen in een straf tempo rond. In een tas op hun rug, zeulen ze de instrumenten met zich mee.
Zijn viool zit tussen de lessenaar en vellen muziek gepropt. Muziekpapier waar niet veel meer van over is. Een scheur deelt Orpheus in de onderwereld van Offenbach in tweeŽn. Het resultaat van vaders hardhandige manier van les geven.
Een keer heeft hij geprobeerd de dunne stok uit vaders handen te grijpen. 'Blijf er met je poten vanaf,' had de man hem nijdig toegebeten. Moeders hoofd verdween net achter de deur. Hij zag haar voor zich, haar handen verwrongen in de zakken van haar schort.
Hij is achterop geraakt. Zijn vader en broers fietsen al langs het kanaal. Frits spuugt in het water. Als wolkjes verwaait de rook van Niek's sigaret langs zijn hoofd. En wie heeft er weer het hoogste woord: Albert, de trots van vader. Dirigent wil Albert worden. Zijn toekomstig beroep valt al te raden aan de manier waarop hij praat. Als hij praat, fladderen zijn handen als vleermuizen in het rond. Alleen als hij de contrabas bespeelt, komen ze tot rust. Dan plukken zijn vingers liefdevol aan de snaren.
Vader betaalt maar wat graag de studie. Naast zijn werk als turfsteker, haalt hij ook nog geld binnen als dodengraver. En nog heeft hij tijd om zich met de muziekstudie van zijn zoons te bemoeien.

Iedere woensdagavond fietsen de mannen van Tweede ExloŽrmond naar Odoorn. Naar de repetitie van het symfonieorkest, dat zijn vader enkele jaren geleden oprichtte. Uit twaalf muzikanten bestaat het orkest. Eigenlijk veel te weinig, maar de andere arbeiders hebben geen tijd voor artistieke buitensporigheden, zoals de inwoners van de veenkolonie de muzikale activiteiten van vader noemen. Wel bezoeken de arbeiders en hun gezinnen de sporadische concerten van het orkest. Ze dromen weg op de klanken van de viool en contrabas, stampen mee op de slag van de grote trom en vergeten zo even het harde bestaan als turfsteker.
Hendrik kent dat gevoel voor muziek niet. Alleen omdat zijn vader het wil, bespeelt hij de viool. Maar niet met die liefde en dat plezier als zijn broers dat zo vanzelfsprekend doen.
Hij wil weg. Weg uit zijn geboortedorp aan het kanaal, waar iedereen elkaar kent en alles van elkaar weet. Waar men belangrijke zaken verzwijgt en waar onbenulligheden breed worden uitgemeten. Hendrik verafschuwt het.
Maar juist met muziek probeert vader zijn zonen koste wat kost uit de greep van het meedogenloze bestaan van de turfsteker te houden. Bovendien is er steeds minder werk. Daarom ziet vader het liefst, dat zijn kwartet jongens als beroepsmuzikanten hun weg vinden. Maar Hendrik is juist voor het werkmansleven in de wieg gelegd. Dat is wat hij wil. Zwaar werk verrichten en s' avonds doodmoe in bed rollen.
Dat zal hij vader duidelijk moeten maken. Vanavond nog moet hij vertellen, dat zijn besluit vast staat. Hij, Hendrik Roffel, verlaat de veenkolonie, om in het zuiden van het land in de mijnen te gaan werken.
Ineens trapt hij op de rem.
Waarom zou hij vaders oordeel afwachten? Hij weet toch al hoe dat gesprek verloopt. Met barse stem zal vader zijn gelijk halen en Hendriks plannen als dom en kinderachtig afdoen.
Hij keert zijn fiets op het zandpad. Springt er weer op en kart de andere kant op.
Weer staat hij stil en laat de tas van zijn rug glijden.
Langs het kanaal vindt Hendrik enkele keien, stopt ze bij de viool en muziekstukken. Nog even houdt hij de tas vast. Dan zwiept hij de lading in het kanaal.
Het is of de natuur haar adem in houdt, de vogels even niet fluiten en de wind niet aan de bladeren rukt. Een kort ogenblik drijft de tas op het water. Alsof hij Hendrik een allerlaatste kans wil geven zich te bedenken.
Maar Hendrik verroert zich niet. Hij kijkt toe hoe de tas vol water stroomt en met een ruk onder de waterspiegel verdwijnt.

Battaglia © Sandra IsraŽl

Homepage  Schrijversweb  Schrijversweb 2008  Sandra IsraŽl